NUGGETS – onbekende en vergeten goudklompjes uit de pophistorie, vrij 11 september 22-23 u + ma 14 september 22-23 u (hh)

Fickle Pickle – Let Me Tell You (1971)
The Equals – Michael And His Slipper Tree (1969)
John Howard – I Got My Lady (1976)
Merle Kilgore – 42 In Chicago (1961)
Jackie DeShannon – Bette Davis Eyes (1975)
Andromeda – The Day Of The Change (1969)
Brothers Johnson – Stomp (1980)
Names & Faces – Keep Smiling (1967)
New Inspiration – Judy Please (1971)
Chain – Show Me Home (1969)
Nino Ferrer – Mirza (1965)
Little Milton – If Walls Could Talk (1969)
Manfred Mann’s Earth Band – The Mighty Quinn (1978)
Olivia Newton-John – Hopelessly Devoted to You (1978)
Blue Magic – Stop To Start (1974)
The Raindrops – The Kind Of Boy You Can’t Forget (1963)
Keith Mansfield – Young Scene (1968)

Manfred Mann’s Earth Band – Mighty Quinn:

De voorloper van de Earth Band brak in 1964 door met het thema (5 4 3 2 1) voor het  popmuziek  televisieprogramma Ready Steady Go, gevolgd door de internationale hit Do Wah Diddy Diddy. De hits zouden blijven komen tot en met 1969, waarna Manfred Mann de plug er uit trok en Chapter Three oprichtte: een experimentele jazzrock band. Weinig succesvol werd de groep na een jaar opgeheven en startte hij de Manfred Mann’s Earth Band. Tot 1975 had ook deze groep marginaal succes. Slechts één single, Joybringer, wist de top 10 in Engeland te behalen.

In 1976 nemen ze een cover op van Bruce Springsteen’s Spirit In The Night. De eerste release met zanger Mick Rogers kon geen potten breken, maar een hernieuwde uitgave met vervanger Chris Thompson betekende een redelijke hit. Belangrijker was dit de start van het nieuwe geluid van de groep; zwaar toetsenwerk, verschillende harmonieën in de melodie en de hese zang van Thompson. De opvolger The Roaring Silence is hun beste album met louter hoogtepunten en de internationale tophit Blinded By The Light, wederom een cover van The Boss. In 1980 namen ze overigens nog een derde cover van hem op: For You. Ik ben een Springsteen-fan, maar in alle eerlijkheid moet ik constateren dat de covers van Manfred Mann eigenlijk interessanter zijn.

Na The Roaring Silence komen ze met Watch op de proppen dat 69 weken in de Duitse albumlijst zou verblijven en de platina status zou bereiken. Deze elpee is minstens zo goed en een live-uitvoering van Davy’s On The Road Again wordt een redelijke hit. Ook The Mighty Quinn krijgt een nieuwe jas, maar behalve in Zuid Afrika geen hit. Eind jaren ’70 woonde ik op kamers in Den Haag en de buurjongen kwam bijna dagelijks langs om wat elpees te lenen die hij dan met de koptelefoon ’s avonds in zijn kot afluisterde. Watch werd zelfs wekelijks geleend.